Ik kom nergens aan toe!

“Ik kom nergens meer aan toe!”schreeuwde ik nog net niet laatst tegen mijn vriend.

Mijn vriend, je moet hem kennen, is een echte man wat dit betreft.

Hij antwoordde namelijk: “Ja, schat, ik weet hier ook zo even geen oplossing voor”.

Dat is wat mannen namelijk graag doen zodra het vrouwtje een probleem heeft. Oplossingen zoeken. In het hoofd van de man is dit namelijk heel logisch, probleem vergt oplossing.

Hmmmm in het vrouwenhoofd werkt dit dus net eventjes iets anders. Jammer eigenlijk, zou het leven dan ook niet een stuk simpeler zijn? Probleem=oplossing en klaar is kees. Geen eindeloos geouwehoer over emotie, gevoel en dieper gelegen redenen.

Maar goed, mijn probleem is dat ik overdag het gevoel (ja, daar is die weer) heb dat ik geabsorbeerd word door mijn kinderen. En dit voel ik ook niet alleen, ik weet wel zeker dat het ook echt zo is.

Mijn kinderen vinden het namelijk moeilijk om zelf te spelen. Ik heb wel eens de theorie omdraaien geprobeerd, je weet wel van negatief naar positief, en dan zou je kunnen zeggen dat ze graag bij mij willen zijn. De hele dag.

Ik hoor dit nooit terug van andere moeders in mijn omgeving. Zij kunnen kopjes verven of kijken de hele dvd box van grey’s anotomy. “En wat doet je kind dan?” vraag ik vol ongeloof. “Die speelt lekker op zijn kamer” zeggen de moeders dan verbazend terug. Wat een rare vraag moeten ze het vinden.

Die van mij dus niet. En geloof me, dat is best wel eens vermoeiend.

Wij hebben sinds kort een proefabonnement op de krant. Deze lees ik standaard met een peuter tegen mij aangeplakt.

Als ik een spelletje op mijn telefoon doe weet ik nu al dat “wat ben je aan het doen, mag ik dat eens proberen?” komt.

Sinds kort ben ik aan het breien en aan het haken (echt heel leuk!) en vind mijn peuter het een “leuk spel” om tijdens, de bol zover mogelijk uit te rollen.

In de supermarkt duw ik mijn winkelkar niet eens meer zelf.

Een gesprek met anderen voeren met de kids erbij kan alleen als ik en de andere partij heel snel praat.

Dus, ik bedoel maar.

Best wel vermoeiend soms.

Advertenties

Verschillende soorten

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Driftbui&co

Laatst besloot mijn zoontje van 2,5 een mega driftbui te krijgen op het schoolplein. Dit gebeurt wel eens vaker, maar dit was er een met alle toeters en bellen.

En elke keer verbaas ik er mij over hoe  mijn mede-moeders hier op reageren. Er zijn dus ook meerdere manieren hoe je hier op kan reageren en ik zal vertellen welke ik deze keer mee maakte.

1. Ik zie het en leef met je mee moeder.

Deze moeders zijn super lief en je bent ze eeuwig dankbaar tijdens een driftbui. Of ze helpen…..is een tweede. Ze komen namelijk meteen als de driftbui geconstateerd is op je af. Ze trekken alles uit de kast om je te verzekeren dat het echt geen probleem is dat mijn zoontje zich op het moment als Godzilla gedraagt.

Een soort van “herkenbaar moment” delen.

“Dit had ik altijd met mijn Koentje, het gaat echt over!”.
“Hee, ik hoor het schreeuwen niet eens meer” presteerde een moeder laatst te roepen, terwijl mijn zoon zijn stembanden eens flink oefende.

“Wat zei je?” vroeg ik wanhopig.

2. Oudere vrouwen en het komt wel goed contact.

Deze vrouwen herken je door het oogcontact wat ze met je maken. Daarna knikken ze even. Dit doen ze om te bevestigen of je nog aanspreekbaar bent of dat je op het punt staat om ieder moment op de grond te vallen en net zo hard gaat mee gillen met je kind.

Als dit eenmaal bevestigd is komen ze op je af. En hoe lief ze het bedoelen, ze maken het alleen maar erger. Dit doen ze door tegen mijn zoontje te zeggen “ach, is het mannetje boos?”of  “Je zult wel een beetje moe zijn”.

Meestal komt hij rond 3 uur net Uit zijn bed, laat staan dat hij er nog eens in wil.

En boos, ja tuurlijk is hij boos. Zal hij anders eens laten horen hoe Boos hij is?

Daar komt nog bij dat ik de mevrouw wel vaag van gezicht ken, maar zoonlief niet. Dus deze mevrouw is natuurlijk in peuter ogen best eng. En wat doe je als je als peuter iets eng vindt?

Juist, nog dichter op mama staan.

Heerlijk, dat luide gehuil in mijn gehoorbuis.Maar ach, ze bedoelen het goed, die lieve meestal oudere mevrouwtjes.

3. Mensen die begrijpend knikken en dan doen alsof je er niet meer bent om jou een prettiger gevoel te geven.

4. Mensen die je aan kijken en dan meteen wegdraaien en doen alsof je er niet meer bent om jou geen prettiger gevoel te geven.

En deze vind ik persoonlijk het ergst. Terwijl ik met een rood bezweet hoofd mijn zoon van de vloer schraap voel ik de blikken. Als zoonlief zich dan ook nog zo zwaar maakt als een tientonner besluit ik om hem maar even te laten liggen en geloof me ik weet dat het -10 graden buiten is.

Een moeder begint spontaan te zingen tegen haar peuter dochter en geeft haar nog een extra knuffel. Blij dat haar kind zo lief op haar schoot zit? Of blij dat zij nu niet aan de beurt is?

Wie zal het zeggen?

Ergernissen

file0001329734681

Laats haalde ik mijn dochter op van school. Wij doen dit altijd op de fiets.

Mijn zoontje zit dan achterop bij mij en mijn dochter fietst zelf. Met nog geen zes jaar vind ik dit persoonlijk zelf altijd wel een momentje.

Zo fietsten we laatst weg van school. Er staan daar dan ook brigadiers en dit zijn geen vrolijke “hallo, goedemorgen” brigadiers. De brigadiers zijn op onze school namelijk chronisch tekort en heel eerlijk, ik moest er ook niet aan denken.

Er stonden twee moeders met hun kinderen te wachten om te worden overgestoken, maar die deden dat niet omdat ze aan het kletsen waren.

“Kom” ( de verkeerssituatie goed inschattend, vond ik dan zelf) zei ik tegen mijn dochter “dan gaan wij alvast”.

Maar maar, wat deed ik nu? Dit viel toch niet goed bij de brigadier-moeder.

Stond ze hier soms voor niks, waarom letten de mensen niet op?

En dit relaas ging uiteindelijk naar de gedachte “waarom sta ik hier überhaupt nog?”

Dit alles werd beaamd door een mede-moeder die nog aan de overkant stond, ook op fiets. Hoofdschuddend keek ze me aan.

En ik, ik zei niks.

Naar mijn weten deed ik niet heel veel fout. Je zou het gevoel krijgen dat je moet uitleggen als volwassen vrouw

“Ja mevrouw, weet u, de voetgangers gingen niet, er kwamen geen auto’s, ik dacht dat het wel kon, sorry, sorry mevrouw.”

En dat is best wel gek. Thuis vertrek je met goede zin. Je dochter heeft het naar haar zin gehad op school, wat wil je nog meer. Opgetogen fiets je naar huis en dan weet je toch met al die goede zin iemand anders ontzettend te irriteren.

Laatst fietste ik (misschien moet ik hier maar mee ophouden?) met mijn zoontje naar de winkel. Hij vertelt altijd alles wat hij ziet en al babbelend en gezellig fietsten we verder totdat er opeens een oudere man voorbij fietste en riep; “kijk toch eens uit, muts!”. Echt, ik snap nu nog steeds niet waarom.

Fietste ik te breed, waren we te vrolijk? Wie zal het zeggen maar ik irriteerde de man schijnbaar zo dat hij er toch iets van moest zeggen.

En ja, ik moet het toegeven, even was mijn goede zin verdwenen en bedacht ik wat ik allemaal terug had kunnen roepen.

Zo gebeurde het dus dat ik mijn dochter vandaag weer van school ging halen. Aangekomen bij de brigadiers wilde ik me deze keer dan toch maar aan de regels houden.

Keurig stonden we te wachten, maar wat gebeurt er nu, de brigadier blijft midden op de weg staan.

“Ja hé, kom maar!” schreeuwt hij uiteindelijk tegen ons. Deze keer wil ik toch mijzelf op zijn minst rechtvaardigen door te roepen; “Ja hé, fietsers mogen er toch niet door?”

“Ja ja” zegt hij geïrriteerd “maar jij bent de laatste en dan ben ik klaar, dus schiet eens op zeg!”

En ik, ik zei maar niks meer.